Reglement voor het ontlenen van gemeentemateriaal
- Art. 1. Doelstelling : ter beschikking stellen van materiaal aan de Beernemse
verenigingen bestemd voor de vlotte organisatie van hun activiteiten, manifestaties,
feestelijkheden, enz .... van zowel algemene, officiële, culturele of
sportieve aard op het grondgebied van Groot-Beernem. Het gemeentebestuur wenst
hierbij uitdrukkelijke materiële steun te verlenen aan het actieve verenigingsleven
om dergelijke activiteiten te stimuleren.
- Art.2. Het materiaal wordt door de gemeente kosteloos ter beschikking gesteld
van het plaatselijk verenigingsleven. Het bestaat uit 2 podia, 450 lopende
meter nadars, 10 vlaggenmasten, 500 stoelen, 70 tentoonstellingspanelen, 30
panelen tweede keus, 17 sokkels, 50 spots. De stoelen en tentoonstellingspanelen
eerste keus worden enkel voor gebruik in gebouwen (niet in tenten) uitgeleend.
Bij ontlening van officiële vlaggen wordt een waarborg gevraagd.
- Art.3. De inrichten moet twee maanden voor de aanvang van de activiteit
een schriftelijke aanvraag indienen gericht aan het College van Burgemeester
en Schepenen. De aanvraag mag daarnaast ook andere modaliteiten bevatten (infoborden,
lokalen, parking, openbare weg, politiemaatregelen, .... ) maar dient alleszins
vergezeld zijn van het modelformulier waarop de nodige specificaties aangeduid
kunnen worden.
- Art.4. Het dient te gaan om een activiteit georganiseerd door een vereniging
van de gemeente Beernem of door officiële instanties, gemeentelijke instellingen
of scholen. Het materiaal wordt niet uitgeleend voor activiteiten buiten het
grondgebied van de gemeente.
- Art.5. Voor commerciële doeleinden of voor particulier gebruik kan
het materiaal enkel tegen een kostprijs verhuurd worden om de transportkosten
en werkuren te dekken. Deze wordt vastgelegd op 600 fr. per uur, per werkman
met een minimum van 600 fr.
- Art.6. Uitzonderlijk kan het materiaal verhuurd worden aan andere gemeentebesturen
op voorwaarde dat zij zelf instaan voor het transport. Het College bepaalt
geval per geval de modaliteiten en de eventuele huurprijs.
- Art.7. Bij gelijklopende aanvragen wordt in principe de volgende rangorde
voorgesteld: 1. officiële plechtigheden - 2. gemeentelijke festiviteiten
- 3. gemeentelijk verenigingsleven volgens datum van aanvraag - 4. andere
gemeentebesturen - 5. particuliere en commerciële activiteiten op de
gemeente. Een uitzondering vormen de nadars: wielerwedstrijden hebben voorrang
op alle andere activiteiten indien ze tijdig aangevraagd zijn.
- Art.8. Het materiaal wordt door het gemeentepersoneel ter bestemming gebracht
en afgehaald op een door de inrichters aangeduide plaats. De inrichters zorgen
zelf voor de installatie, het demonteren, en terug verzamelen van het materiaal
op dezelfde plaats.
- Art.9. De inrichters staan in voor het goede beheer van het hun toegewezen
materiaal en zijn verantwoordelijk voor het behoud van alle onderdelen. Bij
afhaling gebeurt controle van de staat en het aantal van de uitgeleende materialen.
Ingeval van schade, verlies of ontvreemding zal de inrichter de onkosten vergoeden
waarvan het bedrag bepaald wordt door het College.
- Art. 10. Indien de vraag het aanbod overtreft, beslist het College in overleg
met de aanvragers: ofwel staat de inrichter zelf in voor de verdere huur van
bijkomend materiaal; ofwel kan men voor feestelijkheden met ruime weerklank
een aanvraag indienen bij naburige gemeenten. Louter informatief kan ook verwezen
worden naar de Provinciale uitleendiensten.